Door Fractie op 13 december 2014

Recht op informatie

Op verzoek van raadslid Siebren Buist, later ondersteund vanuit het fractievoorzittersoverleg van 1 december, is bij de gemeente-advocaat een vraag uitgezet over de informatievoorziening vanuit een BV en de rechten en plichten van commissarissen en aandeelhouders. In de bijlage van 3 december wordt ingegaan op de juridische verhoudingen vanuit het perspectief van informatieverstrekking. Gesteld wordt dat de informatieplicht van de burgemeester naar het college en de raad uitsluitend bepaald wordt door de Gemeentewet. In de bijlage van 5 december wordt dit nogmaals benadrukt. De slotsom is dat als de raad geïnformeerd wil worden, men zich moet wenden tot de burgemeester in haar hoedanigheid van vertegenwoordiger van de aandeelhouders, en dat men geen rechtstreekse (juridisch gewaarborgde) toegang heeft tot de bestuurder of de commissarissen.

De artikelen 169 en 180 Gemeentewet verplichten de leden van het college en de burgemeester om verantwoording af te leggen over het gevoerde bestuur en om de raad alle inlichtingen te geven die de raad nodig heeft of opvraagt, mondeling en schriftelijk, tenzij het verstrekken ervan in strijd is met het openbaar belang.

Naar aanleiding van het bekend worden van het bestaan van het Stec-rapport betreffende de voortgang van het H2O is ook de vraag gesteld of de commissarissen hier dan geen kennis van hadden moeten nemen en wat hun verplichtingen zijn.

De memo gaat hier niet op in, maar geeft wel aan dat de raad geen rechtstreekse toegang heeft tot de commissarissen.

De fractie